Er is veel over nagedacht en gediscussieerd, maar uiteindelijk is de jeugdwerking van de club in een nieuwe vorm gegoten:eigentijds, vernieuwend maar vooral met het oog op de sportieve begeleiding van de talloze jongeren die zich tot het volleybal aangetrokken voelen.
En dat zijn er heel wat: na een lichte daling van spelers die laatste jaren is er nu weer een opwaartse tendens en het aantal leden blijft gestadig stijgen.
Over het hoe en waarom gingen we te rade bij Bruno De la Haye die niet alleen de financies van het hoofdbestuur onder zijn hoede heeft, maar al tientallen jaren al zijn vrije tijd in de jeugdwerking steekt.
Bruno De la haye: Ik ben nu intussen, met een tussenpauze van 10 jaar, reeds 35 jaar bezig met de jeugdwerking. Ik begon opnieuw toen ondermeer mijn zoon aansloot en dan heb je de microbe weer snel te pakken. Intussen zat ik ook in het A-bestuur maar mijn “dada” is nog steeds het jongerenvolleybal. Als je ’s zaterdags naar de sporthal gaat en je hoort die kinderen al “Noliko” scanderen en je merkt in de loop van het seizoen de evolutie bij die jonge spelers: dat is een prachtig iets.
Smash: Over hoeveel mensen gaat het in feite ?
Bruno De la haye: Op dit ogenblik zijn er een 250-tal spelers. Als je iedereen meetelt: ouders, broers, zussen, grootouders enz dan mag je tellen dat zo een 2000 mensen rechtstreeks of onrechtstreeks in contact komen met Noliko Maaseik. Er is natuurlijk ook de entourage! Er zijn op dit moment 26 trainers, een bestuur van acht mensen en dan nog een groep medewerkers, alles samen dus meer dan 60 personen. Maar dat is nodig want jeugdwerking is intensief, als we bv alle wedstrijden en trainingen op het hoofdplein van de Lotto Dôme achter mekaar zouden spelen, dan waren we zeven maanden constant bezig!
Smash: Maar jullie zijn beginnen te vernieuwen …
Bruno De la haye: In 2007 zijn we begonnen met het project 2007-2012 waar we een aantal richtlijnen, een soort draaiboek over jeugdvolleybal wilden opstellen. Uiteindelijk is het een businessplan met een duidelijke missie geworden en die missie luidt “Met plezier presteren”.
Daarnaast steekt er hele strategie en ook een pak doelstelling in. Op de eerste plaats moeten deze de dagelijkse beslommeringen zo snel en goed mogelijk oplossen. Geloof me er gebeurt altijd wel elke week iets. Maar daarnaast is het ook onze doelstelling dat we in de mate van het mogelijke openstaan voor ieder kind wat wil volleyballen. Het moet niet enkel om talenten gaan … Het project gaat dan ook in de eerste plaats over de ontwikkeling en sportief begeleiden van de allerkleinsten want we vonden dat de club niet ‘breed’ genoeg was. Met een goede basis ontwikkel je ook de toekomst van de jeugdwerking van Noliko Maaseik.
Smash: Gaat het enkel over de spelers ?
Bruno De la haye: Het project behelst ook de discipline voor spelers én ouders. Qua volleybal proberen voor iedereen het hoogste te bereiken wat iedere speler potentieel aankan. Daarmee willen we het misverstand uit de wereld helpen dat de jeugdwerking van de club er NIET alleen of enkel is om spelers voor de A-kern van Noliko Maaseik te kweken. Dan zouden we enkel een paar jongensploegen hebben, aangevuld met buitenlands talent en dat is het zo ongeveer. Dit wil niet zeggen dat er in het verleden nooit geen spelers zijn doorgegroeid naar het A-team. Bert Derkoningen, Kristof Hoho, Jimmy Prenen, Tom Schrijvers, Kevin Klinkenberg zijn zowat de voornaamste. Binnen ons project is de input bij de allerkleinsten heel belangrijk voor de toekomst en dus hebben we berekend dat we in 2012-2013 een 17-tal ploegen onder het kadetten-niveau zouden hebben bij Noliko. Voor het sportief kader is het heel belangrijk om die spelers bij elkaar te krijgen maar ook om nu al te starten met de opleiding van de trainers die tegen dan klaar moeten staan om deze jonge bende op te leiden. Daar zijn we nu reeds mee bezig! Voor het jeugdbestuur betekent dit daarnaast dat we de middelen bij mekaar moeten zoeken om dit te realiseren en om te komen tot een heel brede club die structureel zeer goed in mekaar steekt.
Smash: Past het verhaal van het tweede team van Noliko hier ook in ?
Bruno De la Haye: Met dat probleem werden we dit jaar geconfronteerd. De B-ploeg was niet meer onmiddellijk de aanvoerroute voor de A-kern, dat is nu meer en meer de Vlaamse Volleybalschool. Daarom hebben we dit team in een apart project geduwd: ‘Jong Noliko’, waar volgend seizoen ook de eerste meisjesploeg zullen in plaatsen. Het Jong Noliko-team moet eigenlijk het platformteam van de jeugdwerking worden. Met toptrainers en een fantastische begeleiding om zodoende niet alle beloften op té jonge leeftijd te zien vertrekken naar andere teams.
Smash: Hoe is de samenwerking met de rest van de club?
Bruno De la Haye: Noliko Maaseik is een bedrijf met twee afdelingen: een fantastisch begeleide profploeg die al 25 jaar aan de top speelt en de goed gestructureerde jeugdwerking. Maar hoe gek het ook klinkt, deze twee afdelingen zijn complementair. Degene die denken dat een jeugdwerking mogelijk is zonder de A-ploeg, is zeer naïef en zij die denken dat de A-kern kan leven zonder de jeugdploegen, zijn even naïef. De samenwerking en ondersteuning met en door de A-ploeg is door de jaren heen gegroeid en op dit moment goed. Maar topsport heeft, buiten dat het fantastisch is om te volgen en naar te kijken, ook een maatschappelijke taak. Zij moeten hun idool-functie zo invullen dat jonge mensen ook beginnen te sporten. Als de opmerking valt dat weinig jeugdspelers komen kijken naar de A-ploeg, kan je het ook eens omkeren: de topspelers die ook de jeugdwedstrijden komen volgen zodat onze jongsten een goede reden hebben om naar de wedstrijden van de A-ploeg te gaan. Mama en papa komen mee, die brengen weer anderen mee en alleen op die manier kan je de club groter en breder maken en een familiegevoel creëren binnen deze fantastische club . Dat is een taak voor zowel voor de profploeg als de jeugdwerking, dat moét gewoon complementair zijn.